Ik was te gast bij de Belastingdienst om te vertellen over de zin en onzin van waarden in organisaties. Ik begon met wat inmiddels mijn professionele lijfspreuk is geworden:

Samenwerken gaat over relaties.Relaties gaan over vertrouwen.Vertrouwen gaat over hetzelfde belangrijk vinden.

Ik krijg weleens de vraag: betekent dit dan dat we allemaal hetzelfde moeten zijn? Nee, integendeel. Diversiteit is goed voor organisaties. Wat het wél betekent, is dat je hetzelfde belangrijk zou moeten vinden in de samenwerking.

Als een directie quota belangrijker vindt dan de kwaliteit van dienstverlening, leidt dat vaak tot verlies van vertrouwen tussen targetgestuurde bestuurders en inhoudgedreven medewerkers. Zeker waar die twee manieren van werken tegenover elkaar komen te staan. Organisatiewaarden gaan over het afstemmen van die fundamenten.

Tot zover de organisatie. We vergeten weleens dat er ook mensen werken. Organisatiewaarden zijn pas wat waard als ze draagvlak hebben bij de mensen over wie ze gaan. Als je een waardengedreven cultuur nastreeft, is het de taak van leidinggevenden om te werken aan waardenherkenning en waardenbinding: de brug tussen organisatiewaarden en wat medewerkers als mens belangrijk vinden. Die mens bepaalt namelijk wat de functionaris doet.

Waardengedreven organiseren vergt dat we breken met de Angelsaksische overtuiging dat mensen vooral gemanaged moeten worden met een wortel en een stok. Neem mensen serieus en investeer in ontwikkeling op basis van intrinsieke motivatie. De organisatie kan zich namelijk niet ontwikkelen als de mensen die er werken dat niet doen.

Een oproep aan ‘de organisatie’: bepaal niet alleen wat belangrijk zou moeten zijn, maar ontferm je over de mens en wat mensen belangrijk vinden. Een manier om dit te doen is om relatiekwaliteit centraal te stellen: met jezelf, met collega’s en met de organisatie.